overgangsrichtlijnen leerjaar 1algemeen
De locaties Kottenpark, Zuid en Zwering hanteren dezelfde overgangsrichtlijnen) in de onderbouw. Een schooljaar wordt ingedeeld in 3 trimesters.
De leerjaren 1 en 2 vormen samen de onderbouw en als zodanig een onderwijskundige eenheid. Er is dan ook sprake van een ononderbroken leerlijn, die aan het einde van het tweede leerjaar resulteert in bevordering naar 3-vmbo, 3-havo of 3-vwo. Aan het eind van elk trimester wordt er gerapporteerd over de behaalde resultaten per leergebied al of niet onderverdeeld in vakken. Niet alleen kennis maar ook vaardigheden en leerattitude zijn van belang voor het succesvol doorlopen van de school. Ook daarover wordt gerapporteerd.
Vanaf het 2e trimester staan er op het rapport twee kolommen: één voor het trimestercijfer en één voor het voortschrijdend gemiddelde.
De rapportvergadering bespreekt elke leerling volgens onderstaande overgangsrichtlijnen en behoudt zich het recht voor af te wijken van deze richtlijnen.
Algemene bepalingen:
De rapportcijfers lopen van 3,0 tot en met 10,0.
- Alle leergebieden tellen voor de bevordering op dezelfde wijze mee, tenzij in de overgangsrichtlijnen anders is bepaald (bijv. bij de sectorkeuze)
- Een leerling wiens rapport aan de overgangsrichtlijnen voldoet, is bevorderd. Zo’n leerling kan een advies krijgen (een advies is niet bindend) om naar een andere afdeling te gaan of een andere sector te kiezen.
- Een leerling wiens rapport niet aan de overgangsrichtlijnen voldoet, valt in de bespreekmarge. De teamvergadering kan, in het belang van de leerling, besluiten de leerling alsnog te bevorderen. Zo’n beslissing, waarvan de motivering schriftelijk wordt vastgelegd, wordt bij meerderheid van stemmen genomen. Staken de stemmen, dan is het voorstel om de betreffende leerling alsnog te bevorderen afgewezen.
- De rapportage over de vaardigheden wordt gebruikt voor de onderbouwing van het advies betreffende afstroom/opstroom/overgang.
Berekening van de rapportcijfers
- De cijfers worden berekend in één decimaal.
- De cijfers worden berekend via het voortschrijdend gemiddelde (= het gemiddelde van alle tot dan toe behaalde cijfers) van trimester 1 t/m 3 en 4 t/m 6
- De grens tussen een onvoldoende en een voldoende cijfer ligt op 5,5 als er een gelijksoortig niveau volgt.
- Aan toetsen kunnen verschillende weegfactoren worden toegekend. De teams/secties maken tijdens het eerste trimester bekend welke weegfactoren worden gebruikt.
- Het trimestercijfer is opgebouwd uit minimaal 2 toetsen.
Niveauwisseling
Voor de berekening van het eindcijfer tellen alleen de resultaten mee die zijn behaald in de groep met het nieuwe niveau.
Richtlijnen voor niveauveranderingen
gedurende de eerste twee leerjaren In de onderbouw kennen we een groepenindeling op vier niveaus:
leerjaar 1 | leerjaar 2 |
|---|---|
vmbo-b | vmbo-b |
vmbo-t/k | vmbo-k |
vmbo-t / havo | vmbo-t |
havo / vwo | havo / vwo |
Voortgang
Om het volgende trimester op hetzelfde niveau te blijven moet een leerling aan de volgende voorwaarden voldoen:
- Het rapport mag niet meer dan 3 cijfers lager dan 5,5 bevatten,
- Voor Engels, Nederlands en Wiskunde geldt maximaal 1 cijfer lager dan een 5,5 en
- De som van de laagste 3 cijfers moet minimaal 15,0 zijn (AVO en TTO/GYM). Voor de B – K/T - afdeling geldt dat de som van de laagste drie cijfers minimaal 14.5 moet zijn.
Toevoeging voor klas 1B, 1KT:
- één van de vier vaardigheden mag onvoldoende (niveau 1) of matig (niveau 2) zijn.
Afstroom
Indien een leerling 1 trimester niet aan de norm voor het huidige niveau voldoet, krijgt hij nog 1 trimester de kans om deze norm wel te halen. Voldoet de leerling ook na dit trimester niet aan de norm, dan kan de rapportvergadering besluiten de leerling over te plaatsen.
Nb.: Voor leerlingen die het vmbo-b niveau niet halen komt er een speciaal traject. Zij zullen worden geschakeld naar niveau 1 van het ROC.
Opstroom
Voor opstroom (naar een hoger niveau) wordt schoolbreed de volgende norm gehanteerd:
- Het gemiddelde van alle vakken moet een 7,0 zijn.
- Voor Engels, Nederlands en Wiskunde geldt minimaal een 7,0 en
- De som van de laagste drie cijfers is minimaal 18.5.
Toevoeging voor klas 1B, 1KT:
- Drie van de vier vaardigheden moet een ‘gevorderd’ (niveau 3) zijn, geen van de vier vaardigheden mag onvoldoende (niveau 1) zijn.


