I Berekening rapportcijfers bovenbouw (3e klas)
Cijfers worden via het administratieprogramma Magister bijgehouden. De afdelingen 3t en clog 3 werken met een voortschrijdend gemiddelde. Er worden dus geen weegfactoren toegekend aan bepaalde trimesters.
In de studiewijzer per trimester staan de afsluitingen (schriftelijke toetsen, presentaties, werkstukken, overhoringen e.d.) van ieder onderdeel per vak vermeld met de weegfactor voor dat bepaalde onderdeel. Op het rapport staat het gemiddelde cijfer dat in een trimester behaald is (trimestercijfer) en het gemiddelde van alle cijfers die door een leerling zijn behaald (eindrapportcijfer).
II Berekening rapportcijfers bovenbouw ( 4h, 4v en 5v)
De rapportcijfers in de bovenbouw zijn gebaseerd op toetsen en praktische opdrachten die in het Programma van Toetsing en Afsluiting (PTA) staan vermeld. Dit PTA wordt aan het begin van het schooljaar aan alle leerlingen overhandigd. In het PTA staan ook de weegfactoren vermeld. Veel toetsen zijn schoolexamens (SE's). Bij Nederlands en de moderne vreemde talen worden ook proefwerken afgenomen.
III Berekening eindcijfers bovenbouw
Het eindcijfer is het cijfer op grond waarvan de beslissing over het wel of niet bevorderen wordt genomen. Dit cijfer is een getal in één decimaal.
Het eindcijfer is een gewogen gemiddelde van alle toetsen en eventueel praktische opdrachten in het betreffende schooljaar. Voor vakken die schoolexamens afnemen, is de weging van de verschillende toetsen te vinden in het PTA. Voor deze vakken is het uiteindelijke gemiddelde van alle schoolexamens in 4 havo, 4 vwo en 5 vwo tevens het eerste schoolexamencijfer in de volgende klas. Ook het gemiddelde cijfer van de praktische opdrachten wordt meegenomen naar het volgende schooljaar.
In 5 havo en 6vwo zijn alle toetsen schoolexamens. Ook voor deze leerjaren is de weging van de verschillende toetsen te vinden in het PTA.
